Wat is diabetes?

Alles wat u eet wordt omgezet in bloedglucose. Dit is de brandstof waardoor het lichaam functioneert. Als u iets eet zal er meer bloedglucose in het bloed komen en stijgt uw bloedglucosewaarde. In reactie op de hoge bloedglucosewaarde maakt uw alvleesklier insuline aan. Insuline zorgt ervoor dat de lichaamscellen de bloedglucose opnemen.

Zo daalt uw bloedglucosewaarde en heeft uw lichaam weer voldoende brandstof om te functioneren. Er is een balans tussen de ingenomen koolhydraten, die in het lichaam worden omgevormd tot glucose, en de insuline productie.

Verstoorde balans

Bij mensen met diabetes is er geen goede balans meer. Bij diabetes mellitus type 1 wordt helemaal geen insuline geproduceerd en is insuline toediening noodzakelijk. Bij diabetes mellitus type 2 is er een relatief tekort aan insuline. Door verschillende oorzaken (leefstijl, erfelijkheid) worden de lichaamscellen ongevoeliger voor insuline. De alvleesklier gaat meer insuline maken om toch voldoende glucose de lichaamscellen in te krijgen. Er is een omslagpunt waarbij de alvleesklier niet meer voldoende insuline kan produceren om te compenseren voor de ongevoeligheid van de lichaamscellen: men spreekt dan van diabetes mellitus type 2.